top of page

Verplichte gedragscode ongewenst gedrag: wat betekent dit voor werkgevers?

  • 22 apr
  • 3 minuten om te lezen

Verplichte gedragscode ongewenst gedrag: wat betekent dit voor werkgevers?
Verplichte gedragscode ongewenst gedrag: wat betekent dit voor werkgevers?

Voor werkgevers staat sociale veiligheid steeds hoger op de agenda. Dat is niet alleen cultureel belangrijk, maar ook juridisch en organisatorisch. Op Ondernemersplein staat dat er een wetswijziging aankomt waardoor werkgevers met 10 of meer werknemersĀ straks verplicht worden een gedragscode tegen ongewenst gedrag op de werkvloerĀ te hebben. De ingangsdatum is op dit moment nog niet bekend, omdat het wetsvoorstel eerst nog door het parlement moet worden aangenomen.


Waarom deze ontwikkeling relevant is

Ongewenst gedrag is een breed begrip. Het gaat niet alleen om seksuele intimidatie of pesten, maar ook om discriminatie, agressie en geweld door collega’s of leidinggevenden. Daarmee raakt deze ontwikkeling direct aan thema’s die op veel werkvloeren spelen: grensoverschrijdend gedrag, spanning in teams, onveilige omgangsvormen en onduidelijkheid over normen. Ondernemersplein noemt expliciet dat de gedragscode moet beschrijven welk gedrag wel en niet acceptabel is, en dat medewerkers hierover ook voorlichting moeten krijgen.

Voor organisaties is dit een belangrijk punt: een gedragscode is pas waardevol als medewerkers hem herkennen in de dagelijkse praktijk. Een pdf-bestand in een personeelsmap verandert geen cultuur. Medewerkers moeten weten wat onder ongewenst gedrag valt, hoe zij een grens aangeven, hoe leidinggevenden reageren en waar iemand terechtkan na een incident.


Wat er volgens de huidige informatie verandert

Op basis van de informatie van Ondernemersplein zijn dit de belangrijkste punten:

  • werkgevers met 10 of meer werknemersĀ krijgen straks de plicht een gedragscode te hebben;

  • de gedragscode moet gaan over ongewenst gedrag op de werkvloer;

  • medewerkers moeten voorlichting krijgen over de regels;

  • kleine bedrijven met minder dan 10 werknemers vallen buiten deze plicht;

  • de ingangsdatum is nog niet vastgesteld.

Dat betekent dat organisaties nu al verstandig doen aan voorbereiding. Niet pas wanneer de wet officieel in werking treedt, maar juist nu. Een gedragscode ontwikkelen kost tijd, zeker wanneer je wilt dat deze aansluit op de praktijk van teams in zorg, onderwijs, publieke dienstverlening of klantcontact.


Wat een goede gedragscode minimaal moet bevatten

Een bruikbare gedragscode bevat in ieder geval deze onderdelen:

1. Heldere definities

Beschrijf concreet wat onder ongewenst gedrag valt. Denk aan:

  • pesten;

  • discriminatie;

  • seksuele intimidatie;

  • verbale agressie;

  • bedreiging;

  • intimidatie;

  • fysieke agressie.


2. Gewenst gedrag

Niet alleen aangeven wat niet mag, maar ook wat je wƩl verwacht. Bijvoorbeeld: aanspreekbaar gedrag, professioneel begrenzen, respectvolle communicatie en handelen volgens afgesproken procedures.


3. Melden en opvolgen

Maak duidelijk waar medewerkers terechtkunnen. Bij een leidinggevende, vertrouwenspersoon, klachtenprocedure of een andere route. Onduidelijkheid hierover is vaak de reden dat meldingen uitblijven.


4. Consequenties

Een norm zonder opvolging verliest geloofwaardigheid. Arboportaal benadrukt ook dat beleid tegen agressie pas werkt wanneer werkgevers niet alleen regels op papier zetten, maar ook daadwerkelijk ingrijpen bij concrete situaties.


5. Training en oefening

Een gedragscode moet worden vertaald naar gedrag. PROacteren sluit hier goed op aan met trainingen in de-escalatie, grensoverschrijdend gedrag en opvang & nazorg. Daarmee maak je de stap van beleid naar praktijk.


De koppeling met PSA-beleid

Deze ontwikkeling staat niet los van bestaande verplichtingen. Volgens Arboportaal moeten werkgevers al beleid voeren om psychosociale arbeidsbelasting (PSA)Ā te voorkomen of te beperken. Onder PSA vallen onder meer agressie, geweld, discriminatie, pesten en intimidatie. Met andere woorden: de gedragscode komt boven op een basisverantwoordelijkheid die er al is.

Voor veel organisaties is dit het moment om drie documenten en processen goed op elkaar aan te sluiten:

  1. de RI&E;

  2. het PSA-beleid;

  3. de gedragscode.

Wanneer deze documenten los van elkaar bestaan, ontstaat verwarring. Wanneer ze elkaar versterken, ontstaat duidelijkheid.


Veelgemaakte fout: te algemeen blijven

De grootste valkuil is dat gedragscodes vaak te abstract worden. Dan staan er keurige zinnen in over respect en professionaliteit, maar weten medewerkers nog steeds niet:

  • wat zij moeten doen als een cliĆ«nt hen uitscheldt;

  • hoe zij reageren op een agressieve ouder of bezoeker;

  • wanneer gedrag gemeld moet worden;

  • of wie na een incident de opvang organiseert.

Juist daarom werkt een sectorspecifieke invulling het best. In een ziekenhuis, school, gemeentehuis of zorginstelling zien spanningsvolle situaties er anders uit. Een gedragscode moet daarop aansluiten.


Conclusie

De verplichte gedragscode tegen ongewenst gedrag is nog niet definitief ingevoerd, maar de richting is duidelijk: organisaties moeten scherper en concreter worden in hoe zij sociale veiligheid organiseren. Werkgevers die nu al werk maken van duidelijke normen, meldroutes, training en nazorg lopen straks niet alleen voor op wetgeving, maar bouwen ook aan een veiliger werkklimaat.


Zoek je ondersteuning bij het vertalen van beleid naar gedrag in de praktijk? PROacteren helpt organisaties met training en maatwerk rond de-escalatie, grensoverschrijdend gedrag en opvang & nazorg.Ā 


Bronnen:







Ā 
Ā 

Recente blogposts

Alles weergeven
bottom of page